Atriumfibrilleren
Atriumfibrilleren is de meest voorkomende hartritmestoornis bij volwassenen: één op de vier mensen boven de 55 jaar krijgt ermee te maken. Eén van de grootste risico’s van atriumfibrilleren is het doormaken van een ischemisch cerebrovasculair accident (CVA). Een belangrijk deel van de behandeling bestaat dan ook uit het voorkomen hiervan, middels antitrombotische medicatie. NHGDoc helpt u onder andere bij het identificeren van patiënten die voor deze medicatie in aanmerking komen, met een automatische berekening van de CHA2DS2-VASc-score. Voor iedere patiënt ontvangt u een passend advies voor het juiste beleid of juiste medicatie, afgestemd op de kenmerken van de patiënt.
Hieronder leest u waar NHGDoc u (o.a.) in ondersteunt:
Automatische berekening CHA2DS2-VASc-score
NHGDoc berekent automatisch de CHA2DS2-VASc-score; de risicoscore voor het inschatten van het risico op een ischemisch CVA. Op basis van de berekende score ontvangt u adviezen om antitrombotische medicatie te starten of staken.
Medicatie adviezen
U ontvangt adviezen over antitrombotische en frequentieverlagende medicatie, rekening houdend met eventueel aanwezige contra-indicaties. NHGDoc adviseert u ook over het aanpassen van de dosering van deze medicatie. Bijvoorbeeld bij een hogere leeftijd of een verandering van gewicht of de nierfunctie.
Doseringsadviezen digoxine
NHGDoc berekent oplaad- en onderhoudsdoseringen bij patiënten met een indicatie voor digoxine, op basis van leeftijd, gewicht, nierfunctie en eventuele aanwezigheid van geneesmiddeleninteracties.
Signaleert uitlokkende factoren voor atriumfibrilleren
NHGDoc ondersteunt u door een overzicht te geven van zaken die gevonden zijn in het dossier die een uitlokkende factor kunnen zijn voor atriumfibrilleren. Denk aan hyperthyreoïdie, anemie, alcoholmisbuik, koorts en uitlokkende medicatie zoals corticosteroïden.
Controles elektrolyten en nierfunctie
NHGDoc geeft een melding voor het tijdig bepalen van het kalium en de nierfunctie i.v.m. medicatiegebruik en de jaarlijkse controles. Ook ontvangt u een melding wanneer een tussentijdse controle van de nierfunctie nodig is, zodat u tijdig de dosering van medicatie (tijdelijk) kunt aanpassen. Bijvoorbeeld in het geval van dehydratie bij het gebruik van een DOAC.
Indicaties voor verwijzing
U ontvangt een advies als er een indicatie bestaat voor het consulteren of verwijzen van een specialist.
Aandachtspunten implementatie
- Atriumfibrilleren kan een uiting zijn van een onvoldoende behandelde hyperthyreoïdie. Voorheen wees NHGDoc hierop op basis van de waarden van TSH en vrij T4. Echter, de herziene richtlijn Schildklieraandoeningen adviseert om het referentie-interval van het laboratorium te hanteren voor de interpretatie van TSH en vrij T4. Omdat NHGDoc deze laboratoriumspecifieke referentiewaarden momenteel niet ontvangt van het HIS, kunnen deze adviezen niet langer worden verstrekt.